De hut bouwen

Nadat de groepen zijn ingedeeld gaat elke groep met zijn leiding naar de houtstapel die bij die groep hoort. De stapels zijn genummerd.

De leiding haalt elke dag de spijkeremmer op bij de container van de technische dienst en levert deze aan het einde van de dag weer in.

Maak een goede, stevige ondergrond en bouw vandaar af de hut op. Zorg dat alles stevig staat en laat desnoods de technische dienst je hut controleren voordat je erop gaat klimmen. Een ongeluk zit in een klein hoekje.

Laat geen spijkers uitsteken, sla deze krom als het toch gebeurd. Ook uitstekende punten van hout zijn gevaarlijk, laat deze afzagen als je dit niet zelf kunt.

Er mag niet hoger gebouwd worden dan twee verdiepingen, de technische dienst zal hierop controleren en vragen om te hoge delen weg te halen.
Ook zal de technische dienst controleren op onveilige situaties, waar nodig zullen ze tips geven of helpen met verbeteringen.

In de loop van de maandagmiddag zal plastic worden uitgedeeld waarmee het dak van de hut kan worden dichtgemaakt zodat je bij slecht weer droog kunt zitten in de hut.

Op dinsdag mag je spullen voor de aankleding van de hut meebrengen zoals behang en oude gordijnen. Oude bankstellen e.d. zijn verboden.

Aan het einde van elke dag zorg je, samen met groep dat het om de hut netjes is, gooi papiertjes en bekertjes in de vuilniszak, losse spijkers in de emmer en stukken hout op de daarvoor bestemde stapel.

Er vallen diverse prijzen te verdienen, o.a. voor de schoonste hut en de mooiste hut.